Gevolgd: Workshop Japans papierscheppen

In september 2017 volgde ik de twee-daagse workshop Japans papierscheppen in Haren (Groningen) in de prachtige studio van Pien Rotterdam (Water Leaf Paper & Words). De workshop werd gegeven door Rogier Uitenboogaart, een Nederlander die al meer dan 30 jaar in Japan woont en daar het vak van het Japans papierscheppen door en door heeft geleerd en zijn eigen papierscheppen workshop heeft. Daarnaast verbouwt hij, als een van de weinige papierscheppers, ook zijn eigen papierplanten. Hij verbouwt Kozo, Mitsumata en hoog in de bergen zijn de Gampi planten te vinden waarvan het niet mogelijk is om deze te cultiveren.

Tijdens de workshop hadden we de mogelijkheid om delen van het verwerken van de plant vezel zelf te doen. Daarnaast was er veel tijd voor het papier  scheppen met de drie verschillende vezels: Kozo, Mitsumata en Gampi.

Rogier deelde veel informatie met ons over de verwerking van de planten en de eigenschappen van de drie verschillende vezels. Tijdens het scheppen konden we zelf ervaren hoe het was om op de Japanse manier papier te scheppen (zeer anders dan de westerse manier, en ook weer anders dan de Koreaanse manier, zie een eerder bericht). En het was zeer interessant om eens met eigen ogen en handen te kunnen zien en voelen hoe de vezels reageren tijdens het scheppen en drogen.

Het was een fantastische workshop, en het resultaat was meer dan 25 vel zelf geschept Japans papier!

Gevolgd: Workshop Hanji papier maken in Zuid-Korea

Workshop Hanji papier maken: Een verslag

(dit verslag is gepubliceerd in de “Au Courant” (nr. 11, 2016) leden tijdschrift van Restauratoren Nederland. Hier is ook het volledige artikel te vinden.)

In december 2015 nam ik deel aan een workshop “Hanji papier maken” in Zuid-Korea. Hanji papier lijkt op Japans papier (washi) – een van de meest gebruikte materialen in de papierrestauratie – maar het wordt op een andere manier gemaakt en heeft een paar bijzondere eigenschappen. De workshop was georganiseerd (en deels gefinancierd) door de Korea Craft & Design Foundation (KCDF) en het Zuid-Koreaanse Ministerie van Cultuur, Sport en Toerisme (MCST) en bedoeld voor buitenlandse papier-specialisten (met name restauratoren). Het doel was om hanji papier meer bekendheid te geven buiten Zuid-Korea en de verschillende eigenschappen en mogelijkheden van het materiaal te laten zien.

Washi versus hanji

Het bekende washi wordt gebruikt voor het repareren van scheuren, het verstevigen van leren banden en het doubleren van papier. In de afgelopen dertig jaar is washi gaan behoren tot de standaarduitrusting van de papierrestaurator. Japans papier, dat wordt gemaakt van de houtvezels van de moerbeienboom, bestaat in vele soorten en maten en wordt inmiddels ook buiten Japan gemaakt. Er bestaan echter ook andere, vergelijkbare tradities van papier maken. Zo zijn we al iets bekender met het Chinese papier, al wordt dat zelden gebruikt door Europese restauratoren. Ook in Korea wordt al honderden jaren papier gemaakt. De moderne benaming is hanji (letterlijk: “het papier van Korea”). Vroeger werden er meerdere benamingen gebruikt, afhankelijk van periode, kleur, gebruik en de regio van afkomst. Een veel voorkomende benaming was jong-i of dakjong-i . Een andere benaming was baekji, wat betekent dat het papier in honderd handelingen gemaakt werd.

Hanji en washi lijken op elkaar. Beide worden gemaakt van de bast van de moerbeiboom (mulberry in het Engels, dak in het Koreaans). De verwerking van de boom en de vezels uit de bast is in beide tradities vrijwel hetzelfde, behalve dan dat er voor hanji een andere stof wordt gebruikt voor de dispersie van de vezels in het water (afkomstig uit een andere wortel). Het grootste verschil zit hem echter in het scheppen van het papier. Voor de Japanse en de Koreaanse methodes worden verschillende zeven gebruikt, waardoor verschillende soorten papier ontstaan. Zie een volgend bericht waarin ik hier dieper op in ga. Ik eerst wat meer vertellen over de reis en de opzet van de workshop.

Seoul

Op 6 december vertrok ik van Schiphol, via Moskou, naar Seoul (Korea), een reis van zo’n 20 uur. Bij aankomt op maandag had ik een halve dag de tijd om Seoul te verkennen: geen eenvoudig opgave in de op een na grootste stad ter wereld. Toch voelde het niet als een hele drukke stad. Ondanks de Koreaanse bordjes kon ik gemakkelijk mijn weg vinden tussen de leuke winkels en prachtige tempels en paleizen.

Op dinsdagochtend werden we met een bus opgehaald van het hotel en ontmoette ik ook de andere deelnemers. In totaal waren er tien andere papierspecialisten uit de VS, Canada, Australië, Denemarken, Duitsland, en Groot-Brittannië. In de bus werden we hartelijk ontvangen door Seongeun Myong, Sang-Ah Lee en Haen-jung Lee, allen van de KCDF. Er was ook een vertaalster, Sol Jung, die als PhD kandidaat verbonden is aan Princeton University maar tijdelijk in Seoul onderzoek doet.

Ik had rekening gehouden met kou en flinke sneeuw, maar dat bleek mee te vallen. Ook Zuid-Korea merkt de gevolgen van de klimaatverandering en dit jaar was het – net als in Nederland – een zeer zachte decembermaand met temperaturen tussen de nul en acht graden. Dit is desastreus voor de makers van hanji. Het papier wordt altijd in de winter geschept. Bij temperaturen onder nul blijven de grondstoffen lang goed. Bij warmere temperaturen vergaan ze.

Kim Chun Ho

Onze eerste bestemming was de papiermakerij MoonGyung Traditional Hanji in Mungyeong, een regio in de provincie Gyeongsangbuk in het midden van het land. We werden ontvangen door Kim Chun Ho. Hij maakt al sinds zijn zestiende papier en heeft een aantal jaren geleden het bedrijf overgenomen van zijn vader Kim Chun Ho, die nog tot zijn 74e in het bedrijf gewerkt heeft. Meneer Kim gaf ons uitleg over het gehele proces, van het oogsten van de moerbei (de dak), het stomen, het schoonmaken, het koken het malen van de bast en het scheppen van het papier. Meneer Kim heeft voor zijn bedrijf een officieel keurmerk van de overheid gekregen, in de vorm van een reusachtige steen met inscriptie, wat aangeeft dat hij een van de weinigen is die geheel volgens de oude traditie hanji papier vervaardigt.

IMG_2883.jpg

Meneer Kim vertelde dat hij direct kan leveren aan papierrestauratoren, mocht daar belangstelling voor zijn. Hij staat er erg voor open om op verzoek papier te vervaardigen, op basis van de specifieke eigenschappen die de restaurator van het materiaal verlangt. Hij maakt met enige regelmaat papier in opdracht en stuurt in zo’n geval eerst meerdere samples totdat de opdrachtgever tevreden is.

Daesung Hanji Village

Na het bezoek aan MoonGyung Traditional Hanji vertrokken we met de bus naar de plek waar we de volgende drie nachten zouden verblijven en waar we ook zelf papier zouden gaan maken. “Daesung Hanji Village” ligt op zo’n drie uur ten zuiden van Seoul in de provincie jeonju. We kwamen ’s avonds in het donker aan dus het was een verassing de volgende ochtend om te zien waar we precies waren beland. Het bleek een prachtig nieuw complex, gebouwd op traditionele manier, en volledig gericht op de productie en promotie van hanji. Alles was dan ook van hanji gemaakt: de muren waren behangen met hanji, de houten schuifdeuren waren bekleed met hanji, het dekbed waar we onder sliepen bestond uit hanji vezels en we douchten met moerbeienzeep.

IMG_2926.jpg

Op woensdag kregen we een inleiding van Seo Jeong-hwa (KCDF). Zij gaf vooral feitelijke informatie over het proces van papier maken. Verder gaf ze uitleg over een groot project waarbij facsimile’s zijn gemaakt van boeddhistische teksten uit de 14e eeuw. Hiervoor was door de overheid een open aanbesteding gedaan bij lokale papiermakers om superieure kwaliteit papier te maken, met als eis dat dit papier nog 1000 jaar (!) zou meegaan. Een van de motivaties voor het project was overigens om die lokale papiermakers van meer werk te voorzien, omdat ze bang zijn dat het ambacht verdwijnt.

Op woensdag, donderdag en vrijdag liet meneer Kwak, de lokale papiermaker, ons het gehele proces van het papier maken zien. Sommige onderdelen mochten we zelf doen, onder zijn begeleiding. De procedure bestaat uit veel verschillende stappen, teveel om hier allemaal op te noemen.

Nadat we het door onszelf geschepte papier hadden gedroogd, op vrijdagochtend, zat de workshop erop. Natuurlijk zijn we nog met meneer Kim op de foto gegaan. Vrijdagmiddag vertrokken we met de bus weer terug naar Seoul, waar we nog een avond hadden in de stad.

1211 (58).jpg

Alle deelnemers en organisatoren van de workshop

De hanji workshop was werkelijk fantastisch georganiseerd. We werden goed verzorgd en voorzien van een berg van nuttige informatie. Verder kregen we een mooi sample boek met hanji papier mee naar huis en natuurlijk een moerbeizeepje! Ik heb door deze workshop veel beter inzicht gekregen in het materiaal dat we als boek- en papierrestauratoren dag in dag uit gebruiken. Daarnaast heb ik een introductie gekregen in de productie van een papiersoort die ik nog niet kende. Naar mijn inzicht zou het papier goed toepasbaar kunnen zijn bijvoorbeeld in de restauratie van perkament, omdat het een zeer sterk papier is zonder duidelijke looprichting.

Ik heb in dit stuk natuurlijk lang niet alles kunnen vertellen. Op het internet is vrij veel informatie te vinden over hanji. De Amerikaanse boekkunstenares Aimee Lee heeft er een mooi boek over geschreven, getiteld Hanji Unfurled. Zij is na een jaar in de leer te zijn geweest in Zuid-Korea een studio begonnen waarin hanji papier wordt gemaakt. Naar mijn weten is zij tot dusver de enige westerse producent van hanji. Als er verder naar aanleiding van dit stuk nog vragen zijn, dan hoor ik die natuurlijk graag. Voel je vrij om me te mailen.

Ten slotte een woord van dank. De workshop en het verblijf zijn mogelijk gemaakt door de Korea Craft & Design Foundation (KCDF) en het Zuid-Koreaanse Ministerie van Cultuur, Sport en Toerisme (MCST). De reis naar Seoul werd mogelijk door een bijdrage van het Restauratoren Nederland Educatie Fonds. Ik wil alle partijen hiervoor graag zeer hartelijk bedanken.

Gevolgd: Hanji papierscheppen

Hanji papier scheppen (deel 2)

Het maken van Hanji papier is een zeer arbeidsintensief en langdurig en precies proces voor het gemak heb ik het hier opgedeeld in zeven stappen die ik elk uitleg.

De moerbeiboom: groei, oogst en gebruik.

De moerbeiboom (dak) is waar alles om draait. Er wordt altijd met eenjarige takken gewerkt. Tijdens de groei worden kleine uitgroeisels aan de takken zoveel mogelijk gesnoeid zodat alle energie in de tak gaat zitten. Daarnaast wil de papiermaker een zo’n recht mogelijke tak hebben. Dat levert de beste kwaliteit vezels op. Bij het snoeien van de dak, tussen november en februari, worden de takken afgeknipt tot ongeveer 10 cm boven de grond. Het volgende jaar groeien hier weer nieuwe takken uit. Na zeven jaar heb je de beste kwaliteit dak.

IMG_2942.jpg

Stomen, drogen en schrapen

De gesnoeide takken worden gebundeld en verticaal in een grote ketel met een laagje water gezet. Daaronder wordt een houtvuur gestookt. De stengels worden afgedekt en het geheel wordt zo’n vijf tot acht uur gestoomd (dakmuji). Door het stomen krimpt de bast een beetje, waardoor deze makkelijk los te halen is.

Na het loshalen van de bast blijft er een witte kale tak over. Dit is een restproduct. Meestal worden er vuurtjes van gestookt. De bast bestaat uit een bruin/groen buitenste deel (heukpi) en een wit binnenste deel (baekpi). Na drogen kan de bast het gehele jaar worden verwerkt. Voor een hoge kwaliteit papier kan alleen het binnenste gedeelte worden gebruikt. Soms wordt ook het buitenste deel van de bast benut. Zo ontstaat een decoratief papier dat bijvoorbeeld gebruikt kan worden voor het maken van behang.

Om het witte en het bruine deel te scheiden wordt de bast geweekt in water en geschraapt. Dit is een zwaar en arbeidsintensief onderdeel van het proces maar cruciaal om een schone witte vezel te krijgen.

Omdat de arbeidskosten steeds hoger worden wordt deze stap steeds vaker overgeslagen. De gehele bast wordt dan gebruikt en gebleekt. Het resultaat is een relatief goedkoop papier van (veel) lagere kwaliteit. 

Koken en spoelen

De schoongeschraapte bast wordt gekookt in een alkalische oplossing (jeunghae). Hiervoor is as nodig, verkregen uit het verbranden van verschillende gewassen (sojabonen, katoen, peperplanten). De grote zakken as zijn het meest waardevolle bezit van de papiermaker. Het produceren van goede as is ook arbeidsintensief werk en de kans op mislukking – een verkeerde pH-waarde – is relatief groot. Om deze reden gebruiken veel papiermakers tegenwoordig kant-en-klare oplossingen (natriumcarbonaat of natriumhydroxide).

Na het koken worden de vezels grondig gewassen totdat er geen enkele vervuiling meer in zit. Ook kunnen de vezels enkele dagen in de zon worden gezet, in grote bakken in het water, om zo de vezel te bleken en een nog witter papier te krijgen. 

Het slaan en/of malen van de vezels

Na het koken zijn de vezels nog steeds als bundels aan elkaar verbonden. Om de individuele vezels van elkaar los te krijgen (zodat ze geschept kunnen worden) moeten ze worden geslagen (gohae). Er zijn nog steeds enkele papiermakers die dit met de hand doen. Zij leggen de vezels op een groot, plat stuk graniet en bewerken het vervolgens langdurig met een lange houten stok. We hebben het zelf ook geprobeerd: een fijn karwij als je wat energie kwijt moet, maar dus ook erg zwaar. Tegenwoordig gebruiken de meeste papiermakers een machine die de vezels in vijf minuten maalt, waarna ze klaar zijn voor gebruik. Ook bij deze stap wordt er voortdurend gecontroleerd op overgebleven vuil. 

Dakpul: een viskeuze substantie

Om papier te kunnen scheppen moeten de vezels worden gemengd met water. Om te voorkomen dat de vezels direct naar de bodem van het vat zinken en samenklonteren worden de vezels in dispersie gebracht met behulp van een viskeuze vloeistof. In Korea gebruiken ze hiervoor, net als in Japan, de wortel van de hibiscus maar net een andere soort (hibiscus manihot). De temperatuur is hierbij van groot belang. Hoe kouder het water, hoe hoger de viscositeit. Wij mochten zelf de wortel uit de grond trekken, die vervolgens werd schoongespoeld en gestampt in een grote bak met water. Het product was een zeer viskeuze substantie die werd opgevangen en toegevoegd aan het mengsel van water en vezels.

Webal: papierscheppen

Toen het vat gevuld was met water, dakpul en de pulp van vezels (3%) konden we beginnen met scheppen. We hebben twee technieken geprobeerd: heulimtteugi (ook wel webaltteugi genoemd), een typische Koreaanse techniek, en gadumtteugi, de scheptechniek die ook in Japan wordt gebruikt. Bij de meer bekende Japanse techniek, gadumtteugi, wordt het mengsel van water en pulp langs de voorzijde van het schepraam opgeschept, (heftig) naar voor en achter geschud en vervolgens aan de achterzijde weer eruit gegooid. Een schepraam houdt het mengsel enige tijd op de zeef. Bij heulimtteugi wordt er van links naar rechts geschept en voortdurend door het water heen. Het water/pulp mengsel glijdt dus in een continue beweging heen en weer over het oppervlak van de zeef om er aan de tegenovergestelde kant weer van af te glijden. Er wordt geen raam op de zeef gelegd en het water wordt dus ook niet vastgehouden. De techniek is dus zeer dynamisch en verreist minstens twintig keer scheppen in het water om genoeg vezels op de zeef te krijgen (daar waar je met de gadumtteugi techniek na 2-3 keer scheppen klaar bent).

Terwijl de gadumtteugi techniek een papier oplevert met een relatief sterke looprichting (in de richting van de korte zijde), levert de heulimtteugi techniek een papier op waarin de vezels kriskras in elkaar grijpen. Het resultaat is een zeer sterk papier zonder duidelijke looprichting.

De heulimtteugi techniek heeft ook nog een ander opvallend kenmerk. In tegenstelling tot de Japanse techniek heeft de zeef geen doorlopende kettinglijnen. Deze lopen slechts tot de helft en verspringen dan een stukje. De reden hiervoor is dat hanji papier meestal uit twee lagen bestaat. Bij doorlopende kettinglijnen zou het papier op de betreffende plek heel zwak worden. Doordat de kettinglijnen verspringen, en doordat bij het koetsen van het papier de zeef wordt omgedraaid ten opzichte van het vorige vel, komen de kettinglijnen van de twee lagen niet op elkaar terecht en ontstaat er geen zwakke plek. 

Persen, drogen en gladmaken

Nadat de papierschepper een flinke stapel papier heeft geschept (alle geschepte vellen worden op elkaar gelegd), wordt de gehele stapel gedurende een nacht in een hydraulische pers gezet. Zo wordt al het overtollige water eruit geduwd. De volgende dag worden de vellen papier voorzichtig van elkaar los getrokken en gedroogd. Tijdens het scheppen is tussen elk vel een blauwe draad gelegd zodat duidelijk is waar een nieuw vel begint. Het vel papier wordt met behulp van een stok langs de lange zijde los getrokken en op een stalen tafel geplaatst die verwarmd is. Vervolgens moet in een razend snel tempo het vel worden aangeduwd met een grote borstel zodat het papier goed strak tegen het stalen oppervlak zit en mooi glad opdroogt. Het drogen op de stalen tafel duurt zo’n drie minuten. Hanji papier kan dan nog op verschillende manier afgewerkt worden. Een traditionele manier is het gebruik van een dochim. Dit is een grote houten arm die hard neerslaat op een blok graniet. Hiertussen wordt een dik pak papier gelegd (zo’n honderd vel per keer) en zo wordt het papier hard gestampt en in feite gekalanderd. Het papier krijgt zo een dicht oppervlak waardoor het bijvoorbeeld zeer geschikt wordt voor kalligrafie. De inkt wordt dan niet al te zeer door het papier opgezogen.